
Ruimte voor de Rivier 2.0: waarom er langs de Maas ruimte gereserveerd blijft
Rijk en regio willen gebieden achter de dijk openhouden voor maatregelen na 2050. Wat zo'n reservering betekent, en wat de Maas leerde van 1995 en juli 2021.
Op woensdag 23 september 2026 meldde de provincie Noord-Brabant dat de regionale partners in het Deltaprogramma Maas het voorstel van Ruimte voor de Rivier 2.0 steunen. Dat voorstel houdt langs de Maas ruimte vrij voor een rivier die later misschien breder moet worden. Het klinkt als een streep op een kaart, maar het gaat over akkers, dijkdorpen en uiterwaarden waar je fietst, woont en werkt.
Op zijn eigen website beschrijft het programma zich als een samenwerking van het Rijk met provincies, waterschappen, gemeenten en het Deltaprogramma. Het ging in april 2025 van start. De eerste Ruimte voor de Rivier draaide vooral om hoogwater; de opvolger kijkt ook naar droogte, een rivierbodem die uitslijt, de scheepvaart en de verdeling van zoetwater. Hoog en laag water zijn volgens het programma twee kanten van één riviersysteem.
Volgens de provincie stelde de stuurgroep van het programma op 17 september 2026 een advies aan het kabinet vast. Het kabinet beslist naar verwachting in december 2026.
Wat de eerste Ruimte voor de Rivier opleverde
Hoe het begon, beschrijft Rijkswaterstaat, de beheerder van de grote rivieren. In 1993 en vooral in 1995 stonden de rivieren na veel regen en smeltwater zo hoog dat dijken op veel plaatsen dreigden te bezwijken. In Limburg liepen de onbedijkte dorpen Borgharen en Itteren onder water. Daarna sloeg het Rijk een nieuwe weg in: de dijken werden versterkt, maar de rivieren kregen ook meer ruimte.
Dat gebeurde volgens Rijkswaterstaat tussen 2006 en 2019 op 34 plekken, vooral langs de IJssel, de Waal, de Nederrijn en de Lek. Dijken schoven landinwaarts, er kwamen nevengeulen en uiterwaarden werden verlaagd. Langs de Maas liep een apart programma, de Maaswerken, waarin de rivier vanaf 2005 werd verruimd, schrijft de rivierbeheerder.
Juli 2021: extreme regen, hoog water op de Maas

In juli 2021 viel extreem veel regen in Zuid-Limburg, België en Duitsland. Deltares, dat de gebeurtenis later analyseerde, meldt dat binnen drie dagen meer dan 110 millimeter regen viel, verspreid over een gebied zo groot als ongeveer half Nederland. Beken en rivieren liepen over hun oevers.
Stroomafwaarts schreef Waterschap Aa en Maas vlak na de Maasgolf dat het hoge Maaswater in zijn werkgebied nergens tot grote problemen had geleid. Het waterschap wees ook op een verschil: in Brabant houden dijken het Maaswater tegen, in Limburg is dat lang niet overal zo.
Volgens Rijkswaterstaat voerde de Maas tijdens dat hoogwater in korte tijd meer zand en grind mee dan anders in tien jaar.
Een jaar na de overstromingen, in juli 2022, ging het programma Waterveiligheid en Ruimte Limburg van start. Daarin werken de provincie Limburg, Waterschap Limburg, de Limburgse gemeenten en het Rijk samen, meldt de provincie Limburg. De les die het Deltaprogramma en Deltares vijf jaar later trekken, is nuchter: niet elke overstroming door extreem weer valt te voorkomen, dus voorbereiding en bewustwording tellen ook mee.
Wat een reservering betekent voor het landschap
Een ruimtelijke reservering is geen graafmachine. Volgens het programma gaat het om grond die nu achter de dijk ligt. Wonen blijft er mogelijk, boeren en bedrijven mogen doorgaan, en ook onderhoud en kleine of tijdelijke plannen kunnen vaak nog. Grote nieuwbouw die een latere verbreding van de rivier in de weg zit, kan niet meer zomaar; het programma noemt een woonwijk, een appartementencomplex of een grote bedrijfsuitbreiding. Grond wordt nu niet gekocht, en eventuele ingrepen zijn bedoeld voor na 2050.
Langs de Maas stelt het programma geen nieuwe reserveringen achter de dijk voor. Het gaat daar om bestaande reserveringen, die blijven, worden aangepast of vervallen. Een deel ervan is al wettelijk vastgelegd in het Besluit kwaliteit leefomgeving. De provincie noemt bestaande gebieden in 's-Hertogenbosch en Land van Cuijk, en een aanpassing van de reservering in Wijchen en Heumen. Voor de Maasvallei loopt een apart traject met de regio.
Bokhoven laat zien waarom zo'n reservering ertoe doet. Daar is al ongeveer 130 hectare gereserveerd. Tussen Bokhoven en Well is de Maas te smal, en bij Hedel kan de dijk niet hoger, omdat er veel gebouwd is op of tegen de dijk. Een latere oplossing is de dijk landinwaarts te verplaatsen, zodat de uiterwaard breder wordt. Het programma stelt voor de reservering te behouden.
Saskia Boelema, voorzitter van het Deltaprogramma Maas, benadrukt in het bericht van de provincie: "We zijn voor onze veiligheid van elkaar afhankelijk."
Na het kabinetsbesluit komt volgens het programma naar verwachting eind december 2026 het ontwerp-Nationaal Waterprogramma 2028-2033 ter inzage te liggen, waarna iedereen een zienswijze kan indienen. Vanaf het eerste kwartaal van 2027 tekent het Rijk de precieze grenzen uit.

Foto: De Maas bij Bokhoven in april 2021: een brede rivier onder een bewolkte lucht, met stenen en gras op de oever en rechts een groene vaarwegmarkering. Klankbeeld / Wikimedia Commons (CC0)