Nederland in al zijn verhalenReizen · erfgoed · cultuur · natuur
HomeHolland Magazine
Nederlands
Spiegelglad, grijsblauw meer onder een egale lichtgrijze lucht, met in het midden een laag eilandje met bomen, rechts een oranje boei en in de verte een smalle strook land.
Weer & natuur

Herfstequinox 23 september: waarom de herfst in Nederland twee begindata heeft

Op 23 september om 02.05 uur begon de astronomische herfst, terwijl meteorologen al sinds 1 september herfst tellen. Hoe dat zit, en waarom dag en nacht op de equinox niet precies even lang zijn.

Redactie Hollandmagazine ·

In de nacht van dinsdag 22 op woensdag 23 september 2026, om 02.05 uur Nederlandse tijd, begon de astronomische herfst. Op dat moment stond de zon precies boven de evenaar, meldde Hart van Nederland op 22 september. Het tijdstip klopt met de tabel van het U.S. Naval Observatory, dat de septemberequinox van 2026 op 23 september om vijf over twaalf 's nachts wereldtijd zet. In de Nederlandse zomertijd, twee uur later, is dat 02.05 uur.

Toch telden meteorologen toen al drie weken herfst. Voor het KNMI begint de herfst namelijk op 1 september. Er zijn dus twee begindata, en ze hebben allebei een goede reden.

De astronomische herfst: de zon boven de evenaar

De astronomische seizoenen hangen af van de stand van de aarde ten opzichte van de zon. Rond 23 september staat de zon precies boven de evenaar, legt het KNMI uit. Het noordelijk en het zuidelijk halfrond krijgen dan ongeveer evenveel zonlicht, schrijft de Zwitserse weerdienst MeteoSwiss. In de dagen daarna worden op het noordelijk halfrond de nachten langer dan de dagen.

Die datum schuift. Volgens het KNMI valt het begin meestal op 22 of 23 september. Ruim honderd jaar geleden begon de herfst een paar keer pas op 24 september; voor het laatst gebeurde dat in 1931. De oorzaak is de kalender. De aarde doet er ongeveer 365,24 dagen over om rond de zon te gaan, schrijft het Amerikaanse klimaatinstituut NCEI. Daarom is er om de vier jaar een schrikkeldag, en daardoor verschuift het precieze moment van jaar tot jaar.

Omdat de baan van de aarde geen cirkel is, zijn de astronomische seizoenen ook niet even lang. Volgens NCEI duren ze tussen 89 en 93 dagen.

De meteorologische herfst: drie hele maanden

Zwart-witbeeld van een halve aardbol tegen een zwarte achtergrond: de rechterhelft is verlicht met wolken en continenten, de linkerhelft ligt in het donker, gescheiden door een bijna rechte lijn van pool tot pool.

Meteorologen kijken naar iets anders: de jaarlijkse gang van de temperatuur. De warmste weken van het jaar vallen niet rond de langste dag, maar enkele weken later, omdat de atmosfeer traag reageert. MeteoSwiss geeft als voorbeeld dat Zwitserland rond 21 juni de meeste zon krijgt, terwijl de hoogste temperaturen zo'n drie weken later worden gemeten, rond half juli.

Daarom delen weerdiensten het jaar in blokken van drie hele maanden. De meteorologische herfst omvat september, oktober en november; volgens het KNMI loopt die van 1 september tot en met 30 november. Dat is ook praktisch. Seizoenen van vaste lengte, van 90 tot 92 dagen, maken het veel makkelijker om het weer van het ene jaar met het andere te vergelijken, schrijft NCEI.

Dag en nacht zijn niet precies even lang

Het woord equinox betekent 'gelijke nacht'. Toch zijn dag en nacht op de equinox niet precies even lang, legt de Britse weerdienst Met Office uit. Dat komt door de grootte van de zonneschijf en door de atmosfeer, die het zonlicht breekt. Daardoor duurt het daglicht op de equinox zelf iets langer. De dag waarop dag en nacht wel precies even lang zijn, valt in het najaar een paar dagen ná de equinox.

Dat is in Nederland na te rekenen. Volgens de rekendienst van het U.S. Naval Observatory kwam de zon op 23 september in De Bilt op om 27 minuten over zeven en ging ze onder om 36 minuten over zeven 's avonds. De dag duurde daar dus ruim twaalf uur. Op 26 september komt de zon er op om 32 minuten over zeven en gaat ze onder om 28 minuten over zeven 's avonds. Dan is de nacht al langer dan de dag.

Het weer houdt zich overigens niet aan de kalender. Ook in oktober en november kan het volgens het KNMI nog zomers warm worden.

Staande foto van een hoge stenen zuil met een gebeeldhouwde krans, waar een lange schuine metalen staf met een gevleugelde top doorheen steekt, voor bomen en gele bloeiende struiken onder een blauwe lucht.

Foto: Het Markermeer op een grijze, windstille dag begin oktober 2014: vlak water, een laag eilandje met bomen, een boei en een lange, lage horizon. Linus Follert / Wikimedia Commons (CC BY-SA 2.0)

Bronnen, bijschriften en verantwoording ↗

Rubrieken

HomeStad & streekNatuurEropuitMuseaReceptenWeerVolksverhalenAlle verhalen